Anne overleeft de Dodentocht

De Dodentocht was een geweldige ervaring maar op het randje van wat een mens aankan, dus zal het eenmalig blijven. Ik ben hoe dan ook trots op het feit dat ik het gehaald heb. Ik was dit jaar de enige mindervalide die meedeed. De stoere gasten zoals miliciens en dergelijke heb ik achter mij gelaten.

Ik wist op voorhand dat ik geen supertijd ging neerzetten, vooral omdat ik een gemiddelde hartslag van 150 per minuut had gedurende 24 uur. Dat wilde ik niet nog hoger laten gaan maar dat was ook niet de bedoeling, het is geen wedstrijd.

Ik ben huilend over de eindstreep gestapt, waardoor mensen nog meer begonnen te applaudisseren dan ervoor. Echt een prachtig moment. Na de finish ging ik naar de vrijwilligers van het Rode Kruis om mijn voeten te verzorgen, maar daar viel ik flauw terwijl ik een voetbad nam. Het spijt me dat ik daardoor iedereen die afkwam moest teleurstellen, dus de koffiekoeken en borrel zullen voor een andere keer zijn.

Het resultaat van deze Dodentocht mag er zijn: ik telde tien blaren waarvan vier gigantische van minstens 4 cm groot en twee bovenop elkaar. Die zitten dus enorm diep op mijn hiel. Voor de rest zijn mijn spieren een beetje stijf, maar niet overdreven erg. Ik ben in elk geval blij dat ik met mijn deelname een prachtige organisatie in de kijker heb kunnen plaatsen, een oude droom heb kunnen verwezenlijken (weer iets van mijn to do-lijstje geschrapt) en strakjes komt daar nog een nieuw manuscript van. Toch een nuttig bestede dag, niet? :-)

Anne

Anne Baaths wandelt Dodentocht voor couveusekinderen

De auteur van onder andere 'Dochters van Europa' neemt dit jaar deel aan de Dodentocht van Bornem. Met haar deelname wil zij alle ouders van premature kindjes een hart onder de riem steken. Anne heeft zelf een handicap en werd eind vorig jaar moeder van Tristan, die na nauwelijks 31 weken zwangerschap werd geboren.

Daarom stapt zij mee voor de Vlaamse Vereniging voor Ouders van Couveusekinderen (VVOC). Deze vereniging ijvert al meer dan twintig jaar voor meer aandacht en middelen voor couveusekinderen. Ze bieden steun voor ouders tijdens en na deze moeilijke periode in hun leven.

Meer info:
www.annebaaths.be
www.vvoc.be
www.dodentocht.be

Dienstmededeling

De cursiefjes zijn stopgezet, maar Anne zal op geregelde tijdstippen nog laten weten waar ze mee bezig is via deze pagina.

Week 45

Beste lezer,

Wat wonen wij toch in een vreemd land met een bizar rechtssysteem. Een rechtssysteem dat zonder problemen mensen veroordeelt voor moord op basis van een buikgevoel, maar dat buikgevoel evenzeer weer opbergt als de aanklacht op leugens is gebaseerd. Ik verklaar mij nader. Wij wonen in een nieuwbouwwijk met kleine smalle tuintjes. Slechts vijf meter breed. Om iedereen de nodige privacy te geven werden de hekkens in de meeste gevallen met klimop of riet gedekt. Wij hadden in mondeling overleg en in goed vertrouwen met de buren voor klimop gekozen. Ze stonden erop te kijken terwijl ik met een hand alles in de grond plantte. Anderhalf jaar later weigeren wij om voor de zoveelste dag op rij een oogje te houden op het kleutertje, dat de stiefmoeder meestal onbewaakt in hun tuin achterlaat. Nog voor we goed en wel met onze ogen kunnen knipperen, zitten we bij de vrederechter voor het onrechtmatig aanplanten van klimop. Alle verzoeningspogingen en gezond verstand van onze kant ten spijt maar tegenpartij blijft beweren dat ze nooit toestemming gaf tot de aanplanting ervan. Dan te weten dat ze eind vorig jaar aan ons vroegen om nog meer klimop aan te planten wat wij niet echt meer zagen zitten en het wordt nog erger. De buurman in kwestie laat in de aanloop naar de zitting links en rechts vallen dat hij, als politieagent, dat zaakje met zijn ogen dicht wint want hij kent deze en gene persoonlijk. Wij geloven onze oren niet maar wetende dat ons alleen naïviteit verweten kan worden – omdat we niets op papier zetten – wachtten we vol goede moed het verdere verloop af. Vandaag is echter gebleken dat Vrouwe Justitia toch niet zo blind is want raad eens: de klimop moet eruit. Ons vertrouwen in het Belgisch rechtssysteem is verdwenen. Toch hebben Koen en ik niet alles verloren want wij hebben onze waardigheid nog. Wij kunnen nog in de spiegel kijken en zeggen dat we eerlijke mensen zijn. Wij zijn opgevoed met het principe dat een woord ook bindend is. Jammer dat niet iedereen er zo over denkt. Ach, wij hoeven ons niet te schamen.

Tot volgende week,
Anne

[Noot van de webmaster: Art. 25 GW: De drukpers is vrij; de censuur kan nooit worden ingevoerd; geen borgstelling kan worden geëist van de schrijvers, uitgevers of drukkers. Wanneer de schrijver bekend is en zijn woonplaats in België heeft, kan de uitgever, de drukker of de verspreider niet worden vervolgd.]

Week 44

Beste lezer,

Het is weer zover. Zelden verlaten wij schrijvers de onszelf opgelegde afzondering om de mensheid te ontmoeten. Geen diersoort zo asociaal, zo misantropisch of het is de schrijver. Ergens eind augustus verandert dat recept ingrijpend. Kieper de basisingrediënten: drink bij de uitgeverij, opening van de boekenbeurs in Antwerpen en nog een opening van een boekenweekend, bij elkaar. Overgiet dit recept met een sausje van boekpresentaties van bevriende collega’s en als je geluk hebt ook die van je eigen laatste literaire kindje. Werk vervolgens af met een paar signeersessies in de eerste helft van november. Ergens middenin die maand slapen mijn soortgenoten en ik terug in – tot de volgende herfst. Bij de ene collega verloopt dit proces al wat makkelijker dan bij de andere. Ikzelf maak op mijn quarantaine twee uitzonderingen. De eerste is mijn wekelijkse afspraak met de enige echte Frank Pollet – je weet wel, die van de Duvelmapjes – en zijn literaire creatievelingen. Blijkbaar heb ik dit drie uur durende bad nodig om door te gaan, om discipline te kweken. De tweede uitzondering vormen de occasionele wijndegustaties met mijn literaire vader en halfbroer, respectievelijk Dirk Bracke en Do Van Ranst. Altijd gezellig, vooral als de wederhelften zich in het debat proberen te mengen in de hoop van onderwerp te kunnen veranderen. Tevergeefs. De steeds terugkerende discussie over de pro’s en contra’s van toetsenbord (Do en mezelf) en pen (Dirk) blijven hardnekkig overeind. Al vrees ik dat Dirk toch overstag zal moeten gaan en zich in het digitale tijdperk zal moeten smijten. Hij vertrouwt tot op heden zijn schrijfsels immers toe aan de achterzijdes van de cursussen van zijn zoon. Omdat die opleiding achter de rug is en de voorraad zienderogen slinkt, zal Dirk andere maagdelijk witte vlaktes moeten opzoeken. Ik heb een flauw vermoeden dat hij daar zonder problemen in zal slagen.

Tot volgende week,
Anne