Week 34

Beste lezer,

Er is zo een moment waarop ik weet dat de rest van de dag zonder strubbelingen zal verlopen, tenminste zonder dat ik erdoor uit evenwicht zal geraken. Die dagen komen niet zo frequent voor, maar als ze aanbreken zijn ze intensief en vruchtbaar. Ik verklaar me nader. Dat magische moment gebeurt ’s morgens, iets na negen uur. Koen en Niels zijn nog geen uurtje geleden de oprit afgereden en Sally, de buurvrouw waarmee ik de vaste gewoonte heb ontwikkeld om een paar keer per week te buurten, drinkt de laatste druppels van haar tweede kopje koffie uit. Geen melk en een half klontje suiker. Zij wordt pas tegen de middag op haar werk, de keuken van een lokaal restaurant, verwacht. De koude kant maar met een warme persoonlijkheid. Als de onderwerpen kind, huishouden en de laatste fait divers achter de rug zijn, gaan Sally en ik elk onze eigen weg. Ik ruim de laatste restjes van de ontbijtboel op en doe mijn ronde door huis en tuin. Bedden worden opgemaakt, ramen naargelang het weer geopend of gesloten, pyjama’s opgevouwen. En dan gebeurt het. Ik kom plots tot de vaststelling dat er helemaal niets meer in het huishouden te doen is. De poetsvrouw is net langs geweest. Alles ligt er kraaknet bij. De voorbereidingen voor het avondmaal zijn gebeurd. Alle administratie en geregelneef heb ik de voorbije dagen weggewerkt. In de tuin is geen scheef grassprietje te bekennen. Nee, er is echt niets meer te doen. Het is stil in en rond de wijk waar ik woon en leeg in mijn hoofd. Het lijkt wel of ik in een geïsoleerde bel leef. Ik adem diep in en ga terug naar binnen. Ik maak mijn vierde en laatste kop koffie van de dag en ga ermee naar boven. In mijn kantoor zet ik mijn laptop aan. Vandaag gaat de wereld aan me voorbij … tot Koen en Niels opnieuw thuis komen.

Tot volgende week,
Anne