Week 32

Beste lezer,

Een paar weken geleden moest Koen voor zijn bedrijf gedurende vijf dagen naar Manchester. Ik zag er tegenop. Hij vond het vooral spannend, zo’n eerste keer. Nu zijn Koen en ik een heel hecht koppel. Soms lijken we meer op twee beste vrienden. De voorbereidingen van ons huwelijk, de verschillende verhuizingen, met Niels op gezinsuitstap, het huishouden, alles doen we samen en toen zou Koen ineens voor vijf dagen weggaan. Links of rechts hoorde ik wel eens een opmerking dat dit nu eenmaal bij een in stijgende lijn gaande carrière hoorde maar in de donkerste wandelgangen wisten enkele goede vriendinnen me te vertellen dat ook zij, om diverse redenen, met enige tegenzin naar de meerdaagse zakenreizen van hun wederhelften uitkeken. Mijn redenen lagen voor de hand. Ten eerste was er de eenzaamheid waar ik moeilijk mee om kan, ten tweede mijn fysieke handicap, die de neiging vertoont door allen, inclusief mezelf, vergeten te worden. Doorgaans moet ik met enige regelmaat op mijn echtgenoot kunnen rekenen. Ik kan je bijvoorbeeld verzekeren dat als Niels, met zijn volle twintig kilo, beslist om in het midden van de vloer een driftbui te ontwikkelen, ik daar met die ene arm weinig meer aan kan doen dan op het hele tafereel kijken en wachten tot het over is. Mijn zoon heeft deze eigenschap jammer genoeg tot een kunst verheven. Om nog maar te zwijgen van de dagelijkse hel om een warme maaltijd op tafel te toveren. Vaak beperkt die zich tot een pizza of een diepvriesmaaltijd. Uiteindelijk zijn we die vijf dagen redelijk goed doorgekomen mede dankzij de kookkunsten van mijn schoonmoeder en haar zus. Maar de eenzaamheid, daar kon niemand een recept voor bedenken. Ik herinner me de intro van de film Indecent Proposal: "If you want something very badly, set it free. If it comes back to you, it’s yours forever. If it doesn’t, it was never yours to begin with." Koen is natuurlijk netjes teruggekeerd uit Manchester. Ik gun mijn man zijn succes maar diep vanbinnen hoop ik dat zijn baas hem de komende tijd niet meer op buitenlandse missie stuurt…

Tot volgende week,
Anne