Anne overleeft de Dodentocht

De Dodentocht was een geweldige ervaring maar op het randje van wat een mens aankan, dus zal het eenmalig blijven. Ik ben hoe dan ook trots op het feit dat ik het gehaald heb. Ik was dit jaar de enige mindervalide die meedeed. De stoere gasten zoals miliciens en dergelijke heb ik achter mij gelaten.

Ik wist op voorhand dat ik geen supertijd ging neerzetten, vooral omdat ik een gemiddelde hartslag van 150 per minuut had gedurende 24 uur. Dat wilde ik niet nog hoger laten gaan maar dat was ook niet de bedoeling, het is geen wedstrijd.

Ik ben huilend over de eindstreep gestapt, waardoor mensen nog meer begonnen te applaudisseren dan ervoor. Echt een prachtig moment. Na de finish ging ik naar de vrijwilligers van het Rode Kruis om mijn voeten te verzorgen, maar daar viel ik flauw terwijl ik een voetbad nam. Het spijt me dat ik daardoor iedereen die afkwam moest teleurstellen, dus de koffiekoeken en borrel zullen voor een andere keer zijn.

Het resultaat van deze Dodentocht mag er zijn: ik telde tien blaren waarvan vier gigantische van minstens 4 cm groot en twee bovenop elkaar. Die zitten dus enorm diep op mijn hiel. Voor de rest zijn mijn spieren een beetje stijf, maar niet overdreven erg. Ik ben in elk geval blij dat ik met mijn deelname een prachtige organisatie in de kijker heb kunnen plaatsen, een oude droom heb kunnen verwezenlijken (weer iets van mijn to do-lijstje geschrapt) en strakjes komt daar nog een nieuw manuscript van. Toch een nuttig bestede dag, niet? :-)

Anne